Het hertenkamp van Laren, op een iconisch weilandje in het Gooi
Cultuur
/
Sommige plekken horen zo bij een dorp dat je je het bijna niet zonder kunt voorstellen. Voor Laren is het hertenkamp zo'n plek. Al generaties lang lopen mensen er even langs, om de herten te bekijken, de kinderen te vermaken of gewoon om een frisse neus te halen. Het hertenkamp is in de loop der jaren uitgegroeid tot een echt begrip, en daarmee tot een van de vertrouwde iconen van het Gooi.
Al ruim negentig jaar een begrip
Het Larense hertenkamp kent een lange geschiedenis. Volgens de Historische Kring Laren begon de aanleg in januari 1933, als werkverschaffingsproject voor werkloze inwoners. Op 29 april van datzelfde jaar arriveerden de eerste tien herten, een geschenk van barones Van Welderen Rengers. Sindsdien is de plek uitgegroeid tot een vaste ontmoetingsplek voor inwoners en bezoekers. Inmiddels maakt het hertenkamp al ruim negentig jaar deel uit van het dorpsbeeld van Laren, en daarmee is het onderdeel van de geschiedenis van het dorp zelf.

Een vertrouwd gezicht
Het hertenkamp is niet meer weg te denken uit Laren. Een ommetje langs de herten hoort er voor veel Larenaren gewoon bij, of je nu vijf jaar oud bent of vijfentachtig. De dieren worden er dagelijks goed verzorgd door een vaste groep medewerkers van de BEL Combinatie, die de herten iedere dag controleren en van vers water en gezond eten voorzien. Op het menu staan onder meer brokjes, granen, hooi en verse takken. Mocht een van de dieren toch een blessure oplopen, dan wordt zo nodig een dierenarts ingeschakeld. De herten zijn met andere woorden in goede handen.
Met de seizoenen mee
Het mooie aan het hertenkamp is dat het met de seizoenen meebeweegt, en dat er dus altijd wel iets te zien is. In het voorjaar en de vroege zomer worden de eerste kalfjes geboren. De allereerste dagen liggen die vaak doodstil in het gras, alsof ze zich onzichtbaar willen maken. Dat oogt kwetsbaar, maar het is volkomen natuurlijk gedrag, want zo beschermen ze zich in het wild tegen roofdieren. Belangrijk is dan ook om ze te laten liggen en niet aan te raken.

Ook verderop in het jaar valt er van alles waar te nemen. Eind mei verliest de bok zijn gewei, en soms zondert hij zich een tijdje af van de kudde. Wie vaker langsgaat, ziet de herten zo door het jaar heen veranderen, en dat maakt elk bezoek nét even anders.
Bijvoeren mag, maar met mate
Een van de leukste dingen aan een bezoek is natuurlijk het voeren van de herten. Dat mag ook, zolang je het met mate doet en de juiste dingen meeneemt. Wortels, appels, peren, wat sla of boerenkool: daar doe je ze een groot plezier mee. Vers brood, aardappelen, citrusvruchten, uien en prei kun je juist beter laten zitten, want daar worden de dieren ziek van. Twijfel je? Dan is het altijd beter om iets niet te geven.
Zo blijft het hertenkamp een fijne plek voor mens en dier, en houden we de herten samen gezond.
Een klassieker die blijft
Het hertenkamp van Laren is precies zo'n plek die je misschien weleens vergeet, maar waar je nooit met tegenzin komt. Even de rust opzoeken, de herten bekijken en een wortel meenemen voor onderweg: veel eenvoudiger wordt een uitje niet. En juist die eenvoud maakt het hertenkamp zo geliefd. Een echt icoon van Laren, en van het Gooi.
Deel op
Kopieer link








